Lelietje-van-dalen

Oorspronkelijk komt de convalaria uit Europa én uit de Kaukasus en West-Siberië.

Convallaria majalis ook wel meiklokje genoemd in de volksmond.. Maar beter bekend als het lelietje der dalen! Ze is de minimalistiche schoonheid van de natuur..., in de maand mei steekt ze haar koppie boven de grond uit en bloeit dan van mei tot en met eind juni. 

De soortaanduiding majalis betekent dan ook 'van de maand mei'

Het lelietje heeft lange dunne, kruipende wortelstokken die zich een weg banen onder de grond.. 
De wortelstokken produceren ieder jaar nieuwe uitlopers en zo vermeerderd het plantje zich en krijgt het ieder jaar meer bloemetjes.

elke plant heeft meestal 2 bladeren, deze zijn langwerpig en spits van vorm. De bloemen vormen slanke naar een kant gekeerde trossen. meestal zijn de bloemen 0,8 tot 1 cm lang. ze zijn wit van kleur of soms licht rose. 
De bloemetjes zijn klokvormig en hangen aan gekromde steeltjes. hoewel de bloemetjes klein van stuk zijn verspreiden ze een duidelijke geur. Deze geur is dan ook zeer populair in de parfumerie en de cosmetica. Na de bloei krijgt de convallaria rode bessen met blauwkleurige zaden. De plant staat graag op halfbeschaduwde plaatsen met een matige vochtige grond.
Had je vroeger een landgoed of kasteeltuin, dan mochten deze geurbommetjes niet ontbreken. 


De Convallaria is een giftige plant; geen één onderdeel is eetbaar. Ook de bloem krijgt giftige bessen. Zoals bij vele gifplanten is deze giftige stof een basis voor natuurmedicijnen. vroeger werden deze stoffen in minimale hoeveelheden aangewend bij hartziekten. De farmaceutische industrie maakt nog steeds gebruik van de geneeskrachtige werking van het lelietje der dalen.

Hoe klein de convallaria ook is ze behoort toch echt tot de lelie familie.. vandaar de naam lelietje der dalen.